Orthese zorgt voor natuurlijk looppatroon

De meeste beenbeugels met knievaststelling blijven gedurende de volledige gangfase gestrekt staan. De E-MAG orthese daarentegen staat vast gedurende de standfase en ontgrendelt vóór de zwaaifase. Voor gebruikers betekent dat een verbetering van hun kwaliteit van leven. Met E-MAG kunnen ze zich op een natuurlijke manier voortbewegen, met minder inspanning én minder risico op vallen.

Een orthese die het natuurlijk looppatroon van cliënten volgt, het klinkt vanzelfsprekend maar tot enkele jaren geleden bestond zo’n orthese nog niet. Dat was een gemis, stelt Johan Bloks, algemeen directeur van orthopedische instrumentmakerij Heckert&Van Lierop in Eindhoven, onder­deel van Bewegingsvisie. “Het loop­patroon kent verschillende fasen. Het ene moment wil je dat de knie strekt en wordt vastgehouden, het andere moment wil je dat hij buigt. De conventionele been­beugels volgen echter slechts één fase van dat loop­patroon, óf strekken óf buigen, maar niet de combinatie ervan.”

Zwakke kniestrekkers

“Voor een cliënt met quadricepszwakte, oftewel zwakke kniestrekkers, kan dat uitermate vervelend zijn,” zegt Roeland Raijmakers, technisch support orthesen van Ottobock, marktleider op het gebied van ontwikkeling en innovatie van technische orthopedie. “Hij kan zijn knie tijdens het lopen niet gestrekt houden en draagt daarom een beenorthese met vaste knie, om te voorkomen dat hij door zijn knie zakt. Daardoor kan hij zijn been tijdens het lopen echter niet doorzwaaien. Hij zou dan met zijn voet tegen de grond schoppen, want vanwege de orthese kan hij zijn knie niet buigen. De cliënt moet zijn looppatroon dus aanpassen. We zien dan ook dat cliënten met beenorthesen tijdens het lopen met hun andere voet omhoog wippen, hun heupen optillen of met hun orthesebeen een zijwaartse beweging maken. Zo komen ze toch vooruit zonder met hun been te slepen of hun voet tegen de grond te schoppen.”

Dat kan, maar het kost wel veel energie. Energie die MS- of CVA-patiënten, patiënten die vaak zwakke knie­strekkers hebben en been­­orthesen moeten dragen, nauwelijks hebben. Raijmakers: “Als je op een meer natuurlijke manier kunt lopen, verbruik je minder zuurstof en bespaar je energie.” “Boven­dien is een natuur­getrouw looppatroon ook het meest veilig,” vult Bloks aan. “Het geeft het minste risico op valpartijen.”

Bewegingssensor

Bloks en Raijmakers zijn daarom blij dat sinds enkele jaren de E-MAG op de markt is, een elektronisch gecontroleerde orthese die wél het natuurlijk looppatroon van cliënten volgt. Heckert&Van Lierop koos als eerste lid van Bewegingsvisie voor deze innovatie. “De E-MAG behoort tot een nieuwe generatie orthesen die we standfase controlerende orthesen noemen,” legt Raijmakers uit. “Dat houdt in dat zolang de cliënt staat, de orthese ervoor zorgt dat de knie gestrekt blijft. Maar zodra hij zijn been naar voren wil zwaaien, ontgrendelt het systeem. De knie kan daardoor buigen en haar natuurlijke beweging maken.” Dat komt doordat de E-MAG een bewegingssensor bevat, die nauwgezet het looppatroon volgt van de gebruiker, vervolgt Raijmakers. “De sensor vormt als het ware het brein van de E-MAG. Hij weet precies wanneer hij de knie moet vastzetten, namelijk in stand, en wanneer hij de knie kan ontgrendelen, namelijk zodra de cliënt de zwaaifase inzet.” Dat ontgrendelen wordt mogelijk gemaakt door een oplaadbare elektromagneet. Deze zorgt ervoor dat elke keer als de knie een loopbeweging maakt, een metalen palletje omhoog schiet. Zodra dat gebeurt, kan de knie vrij bewegen. Komt de knie weer in standspositie, dan valt het palletje terug in het slot en wordt de knie vergrendeld.

Protocol

“De E-MAG wordt de laatste jaren steeds vaker voorgeschreven,” constateert Raijmakers, die erop wijst dat niet iedereen ervoor in aanmerking komt. “Vooral cliënten die nog volop in het leven staan, kunnen er baat bij hebben, stelt Bloks. “Voor cliënten die alleen nog van bed naar stoel kunnen bewegen, is het een te dure voorziening. Maar voor mensen die nog middenin hun (werkende) leven staan, kan het een prachtig hulpmiddel zijn. Het draagt voor hen bij aan een natuurgetrouw looppatroon.” Om een goede indicatie te stellen voor E-MAG heeft Ottobock een inclusie- en exclusieprotocol opgesteld, juist om ondoelmatig gebruik te voorkomen. “We gebruiken dat protocol bij de indicatiestelling,” legt Bloks uit. “Dat is het werk van de revalidatiearts, in overleg met de instrument­maker, de fysiotherapeut en uiteraard de cliënt.”

Wekelijks spreekuur

Bloks werkt daarvoor regelmatig samen met dr. Anita Tinga, revalidatiearts van Libra Revalidatie & Audiologie. Zij ziet veel cliënten die gebruik maken van orthopedische hulpmiddelen en voert ook samen met de orthopedisch instrument­maker een wekelijks spreekuur. Tinga: “Dat is prettig, omdat je dan gezamenlijk problemen kunt bekijken en de indicatie kunt stellen. Ik beoordeel dan de medisch-inhoudelijke kant en samen met de instrument­maker onder­zoek ik welke voorziening daarbij het beste past.”

Tinga stelt dat het functioneel niveau en het ver­wachtings­patroon van cliënten de keus voor het uit­eindelijke hulpmiddel beïnvloedt. “Een 70-jarige met beperkte functionele mogelijkheden en beperkte ambitie is meer gebaat bij een eenvoudige voorziening dan een 50-jarige sportman met een beter uitgangsniveau en hogere ver­wachtingen. Hierbij ga je samen met de instrument­maker en eventueel de fysiotherapeut op zoek naar een voor­ziening die aansluit bij de verwachtingen, zoals bij­voor­beeld een E-MAG.”

Proeforthese

Een belangrijk onderdeel van de indicatiestelling vormt de proeforthese. “Dat is een orthese met dezelfde functio­naliteit als de E-MAG, waarmee we de cliënt in de behandelkamer kunnen laten ervaren wat de E-MAG voor hem kan betekenen,” legt Bloks uit. “Dat levert mooie en soms emotionele momenten op,” reageert Raijmakers, die regelmatig bij de indicatiebesprekingen aanwezig is om de proeforthese aan te meten bij de cliënt. “Ze merken dan plotseling dat ze weer bewegingen kunnen maken waartoe ze soms jaren niet meer in staat waren. Dat van nabij te mogen meemaken, dat zijn de mooiste momenten van ons werk.”

 

Daan Touw
De 57-jarige oud-rechercheur Daan Touw draagt sinds 2011 een E-MAG, nadat in 2009 na een valpartij zijn rechterkniepees was afgescheurd. “Ik draag de E-MAG de gehele dag. Na het opstaan trek ik hem aan en ‘s avonds voor het slapen gaat hij uit. Ik kan er goed mee lopen en voel me er ook veiliger mee. Ik kan niet meer zonder. De E-MAG hoort net zo vanzelfsprekend bij mijn dagelijkse kleding als mijn sokken of overhemden.”

deel: Email to someoneGoogle+Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedIn
MENU